Tag Archives: Hoogheemraadschap Rijnland

De “perfectie der ware Geometrie” – 9 december 2015

9 dec

eendje25 op 100Deze maand kreeg de eendenkooi van Ruigoord bezoek van landmeter Christoph Ciesiolka van het Hoogheemraadschap van Rijnland. Hij kwam de nieuwe maatvoering van de eendenkooi inmeten en de waterstand vastleggen. Dat een van zijn voorgangers dat al 350 jaar eerder had gedaan kon hij niet weten. Maar het is wel reden om daar even bij stil te staan.Vogelcoy Dou 300

Uitzonderlijke maatregelen
Eendenkooien hebben van oudsher de speciale aandacht gehad van de waterschappen omdat de belangen van de kooikers vaak haaks stonden op die van het schap. Het Hoogheemraadschap Rijnland (1255) was namelijk vooral gericht op het verlagen van de waterstand en het buiten de deur houden van ‘de waterwolf’; op afdoende bescherming tegen de serieuze bedreiging van het water in Holland. Maar in de 16e en 17e eeuw werden soms uitzonderlijke maatregelen getroffen om de waterstanden in eendenkooien juist hoog te houden. Zo werkte Rijnland rond 1650 – de tijd waarin onze kooi werd aangelegd – in de plaatsen Esselijkerwoude en Koudekerk mee aan een aparte waterhuishouding voor de hier gelegen ‘Coyen’. Het waterschap stond toe dat kleine watermolens de kooilocaties juist natter maakten om ze aantrekkelijk te houden voor watervogels. Dit had alles te maken met het Hollandse_cirkel_met_zonnewijzer 300economisch belang van de kooien en de vangsten. Die waren namelijk, afgezet tegen de waarde van de economie in die tijd, aanzienlijk.

Hollandse cirkel
Dit soort ondernemingen is natuurlijk alleen mogelijk als je precies weet wat de waterstanden zijn. Op 17de eeuwse kaarten, gemaakt in opdracht van ‘de weledele Heeren Dijckgrave ende Hooge Heemraeden van Rhijnlandt’ werden veel Hollandse eendenkooien opgetekend door vakkundige landmeters en kaartenmakers. Zo maakte landmeter Johannes Dou (1615-1682) in december 1665 een Hollandse cirkel in gebruikaansprekende ‘chaerte’, met centraal weergegeven het eiland Ruigoord met daarop de eendenkooi duidelijk ingetekend. Johannes had het vak geleerd van zijn vader. Deze Jan Pieterszoon Dou (1572-1635) was een zeer productief en invloedrijk man en vermaard om de
uitvinding van de ‘Hollandse Cirkel’. Met dit koperen precisie-instrument, 20 tot 30 cm groot, konden landmeters in het open veld nauwkeurig hoeken opmeten of uitzetten. Vader en zoon Dou werkten beiden in ‘ordere’ (opdracht) van het Hoogheemraadschap van Rijnland en waren goed thuis in onze omgeving ten zuiden van het IJ.

Hedendaags collega
Daarom is het toepasselijk om in deze feestelijke decembermaand van 2015 ook te herdenken dat het exact 350 jaar geleden is dat Johannes Dou de oorspronkelijke eendenkooi zo treffend optekende. Hij Christoph Ciesiolka 300is daarmee voor ons één van de inspiratiebronnen geweest voor de huidige reconstructie van de eendenkooi van Ruigoord. Een mooi toeval is dan ook dat wij in december 2015 bezoek kregen van zijn hedendaagse ‘collega’, Rijnlands landmeter Christoph Ciesiolka. Weliswaar was die gewapend met de modernste digitale meetapparatuur in plaats van de oude Hollandse Cirkel, maar ook hij heeft, zoals Johannes Dou het in zijn tijd verklaard heeft: “alles gedaen volgens de perfectie der ware Geometrie”!

Het watersysteem van 400 jaar geleden vergeleken met nu – 12 oktober 2015

12 okt

Eend 16 zw op 100InleidingDrie-armige zeekrekenkooi Ruigoord
In deze periode van het jaar krijgt, op last van het Hoogheemraadschap van Rijnland, de doorstroming van sloten en watergangen weer volop onze aandacht (zie ook Facebook). Het water moet vrij kunnen stromen omdat het onderdeel is van het hele watersysteem van de regio.
Omdat onze eendenkooi uit 1652 stamt en het Hoogheemraadschap toen al zo’n vierhonderd jaar bestond (1255) viel de kooiker ook toen al onder het toezicht van de Dijkgraaf en zijn Hoogheemraden. Daarom kijken we hoe hier in de beginjaren van de kooi van Ruigoord met de waterhuishouding is omgegaan.

Aanloop tot de eendenkooiDe vorming van een kwelder
In de 12e en 13e eeuw werd het eiland Ruigoord in toenemende mate bedreigd door het getijdewater van het IJ, dat destijds in directe verbinding stond met de Zuiderzee. Vanwege de aanhoudende vernatting kwam op het eiland in de 14e eeuw de nadruk op veeteelt te liggen; akkerbouw was in dit natte land erg moeilijk geworden. Via kreken stroomde zoet regenwater van het eiland af, het IJ in. Bij zwaar weer en vloed overstroomden vervolgens grote delen van het eiland met het brakke IJ-water. Het vergde veel onderhoud en reparatie om het land goed te beheren. In het begin van de 16e eeuw konden de boeren en landeigenaren van Ruigoord het onderhoud van het eiland niet langer financieren; zij verkochten hun grond aan het Hoogheemraadschap van Rijnland.

VerbeteringenKwelder met getijdekreek.
Als aanvulling en verbetering op de natuurlijk gevormde kreken groef Rijnland verschillende afwateringssloten en wierp een nieuwe dijk op het eiland op. Opvallend is dat deze dijk een kronkelig tracé had en ook vrij ver landinwaarts van de oever is aangelegd. Een groot deel van de zuidelijke punt van het eiland werd buitendijks gehouden. In dit buitendijkse gebied hadden de elementen nog vrij spel en functioneerden de getijdekreken oftewel ‘prielen’  als vanouds. Door slibopbouw ontstond hier in de loop der tijd een hoger gebied (kwelder of schor), dat alleen nog bij springtij en zware stormen onderliep. Hier is rond 1652 buitendijks de ‘zeekooi’ van Ruigoord gemaakt. De uitstroom van regenwater via een kreek werd gereguleerd door een eenvoudige stuw. Hier vormde zich een forse, ondiepe zoetwaterplas. Aan dit ovale meertje werden vervolgens, op verschillende windrichtingen, drie vangpijpsloten gegraven. De vrijgekomen vruchtbare grond werd in het omliggende gebied verspreid. Daarin kon dan weer het kooibos groeien.

In ere hersteldHet laaste stuk van de uitlaakreek en de duiker
De kooiplas van Ruigoord had aan haar noordzijde een inlaatkreek met een redelijk constante regenwaterinlaat en aan haar zuidzijde een uitlaatkreek waar met rustig weer en laag tij overtollig water geloosd kon worden. Dit was ook een manier om het water van de kooiplas op het gewenste peil te houden en om, na een overstroming vanwege een storm of springtij, het zoute IJ-water weer te vervangen voor zoet. In een omgeving met veel brak water was destijds een beschutte plas met zoet water erg aantrekkelijk voor eenden. Die zoeken immers een rustige, ondiepe plas met zoet water om te kunnen grazen en ‘grondelen’.
Bij de reconstructie van de eendenkooi van Ruigoord hebben we nu zowel de in- als de uitlaatkreek in ere hersteld. Op dit ogenblik brengen we nog een laatste stukje eikenhouten beschoeiing aan in de uitlaatkreek en wordt die ook weer uitgebaggerd. Dan zijn we klaar voor de ‘schouw’.

Controle van het Hoogheemraadschap- 21 februari 2014

21 feb

Eend 12 zw op 100Frans Rodenburg had op 18 februari een afspraak met Michèle Heidinga-Van den Berg, van het Hoogheemraadschap van Rijnland. Zij kwam controleren of de eendenkooi wel aan de ‘waterbergings’voorwaarden van het Hoogheemraadschap voldeed.

Waarborging van vrije doorstromingLis-en-riet-uit-de-schouwsloot-graven
Michèle Heidinga-van den Berg is toezichthoudster en Buitengewoon OpsporingsAmbtenaar (BOA) in dienst van het Hoogheemraadschap van Rijnland. Dat zorgt, heel kort gezegd, voor bescherming tegen het water, voor schoon water en mede voor de juiste (grond)waterstand. Michèle werkt daar sinds 2007. Op de eendenkooi moest zij beoordelen of het ontwerp van de kooiplas, met bijbehorende watergangen, voldoende vrije waterdoorstroming heeft. Belangrijk onderdeel daarvan is of de duikers en bypass-sloot vrij zijn van slib en waterplanten. In het jargon heet dat ‘de najaarsschouw’.

Jaarlijkse controle
Het bleek gelukkig allemaal in orde. In het toekomstig onderhoudsplan voor de kooilocatie is het periodiek schoonmaken van de duikers in de dammen een vaste klus voor de jongens van Herstelling/School2Work. Michèle komt in ieder geval jaarlijks controleren of deze werkzaamheden, vóór 1 november, naar behoren zijn uitgevoerd.veel-bebouwing-rondom-de-kooi-maakt-waterberging-noodzakelijk

Waterberging is basisfunctie
Voor ons gaat het om de eenden, maar een belangrijke ‘technische’ functie van de eendenkooi is het waterbergend vermogen. Dat vloeit voor het Havenbedrijf voort uit de waterbergingsverplichting die is neergelegd in het plan voor het Atlaspark. De kooi, en andere plekken in de omgeving, zijn zo ingericht dat ze voor een langere tijd overtollig regenwater kunnen vasthouden. Dat regenwater zorgt, omdat het na een bui heel snel van gebouwen en (parkeer)terreinen afstroomt, anders voor wateroverlast.

Verschillende ‘soorten’ waterMichele bij de zuidelijke duiker, de Golfclub op de achtergrond
Er is echter ook ander water in de omgeving. Dat is brak ‘kwelwater’, dat o.a. door ondergrondse druk uit het Noordzeekanaal komt. Het geborgen regenwater verdunt het zoute kwelwater, wat weer gunstig is voor de diversiteit van flora en fauna. Die diversiteit, met verschillende waterstanden, bodemsamenstellingen en gebruiksfuncties, maakt de ruime omgeving waarin de eendenkooi ligt, zeer interessant voor iemand met de expertise en vakkennis van Michèle.